Noordhoff Uitgevers

Geld, IEB en bedrijfsomgeving - 7e druk 2016


Kies oefenmethode

Toon begrippen
Toon definities


Begin
Algemene banken
Draai om
Banken met een zeer breed werkterrein op financieel gebied.
Draai om
Bankbiljet
Draai om
Schuldbekentenis van de centrale bank dat dienst doet als betaalmiddel.
Draai om
Bedrijfseconomisch toezicht
Draai om
Liquiditeits- en solvabiliteitseisen die de centrale bank oplegt aan de banken met het doel het vertrouwen in de bankbalans en het geldstelsel te waarborgen.
Draai om
Betaalinstrument
Draai om
Voorwerp waarmee de betaling wordt geëffectueerd.
Draai om
Branchevervaging
Draai om
Het vervagen van de traditionele afbakening van de markten en de producten van de verschillende financiële instellingen.
Draai om
Centrale bank
Draai om
Bank die behoort tot de monetaire autoriteiten. Zij voert een beleid gericht op het voorkomen van inflatie. Taken: uitgifte van bankbiljetten, verzorgen van het betalingsverkeer tussen banken, verzorgen van het betalingsverkeer van het Rijk en toezicht op het kredietwezen.
Draai om
Chartaal geld
Draai om
Munten en bankbiljetten.
Draai om
Financieel systeem
Draai om
De wijze waarop geldstromen in een economie worden georganiseerd, bestaande uit financiële instellingen en vermogensmarkten.
Draai om
Financiële instellingen
Draai om
Organen in een economie die uit hoofde van hun normale bedrijfsuitoefening over grote sommen geld van derden beschikken en deze weer uitgeven of beleggen.
Draai om
Financiering
Draai om
Het aantrekken van liquide middelen in ruil voor schuldbewijzen of eigendomsbewijzen.
Draai om
Geld
Draai om
Algemeen aanvaard betaalmiddel of ongedifferentieerde koopkracht.
Draai om
Geldhoeveelheid
Draai om
Primaire liquiditeitenmassa bestaande uit chartaal en giraal geld in handen van het publiek.
Draai om
Geldscheppende instellingen
Draai om
Financiële instellingen waarvan een deel van de schuld dienst doet als geld (rekening-couranttegoeden).
Draai om
Geldschepping
Draai om
Toename van de geldhoeveelheid.
Draai om
Giraal geld
Draai om
Boekvordering op geldscheppende instellingen waarmee betalingen verricht kunnen worden en die omgezet kan worden in chartaal geld. De ECB rekent hiertoe: girale deposito's omvattende alle tegoeden die onmiddellijk of per het eind van de dag in chartaal geld kunnen worden omgezet of waarover zonder noemenswaardige kosten per pinpas, cheque en dergelijke beschikt kan worden. Deze post omvat tevens direct opvraagbare vreemdevalutategoeden alsmede daggeld. Voorts zijn inbegrepen tegoeden op de door monetaire financiële instellingen uitgegeven elektronische portemonnees.
Draai om
Inflatie
Draai om
Stijging van het gemiddelde prijspeil.
Draai om
Intrinsieke waarde
Draai om
Marktwaarde van het materiaal waarvan het betaalmiddel gemaakt is.
Draai om
Liquide middelen
Draai om
Algemeen aanvaard betaalmiddel of ongedifferentieerde koopkracht.
Draai om
Liquiditeit van banken
Draai om
Vermogen om direct opeisbare verplichtingen te voldoen in chartaal geld of over te schrijven naar andere banken.
Draai om
Liquiditeitenmassa
Draai om
Primair: giraal en chartaal geld in handen van het publiek. Secundair: de som van termijndeposito's, valutategoeden en kort spaargeld in handen van het publiek.
Draai om
Nettogeldscheppend bedrijf (NGB)
Draai om
Geldschepping door het bankwezen minus de lange middelen.
Draai om
Niet-geldscheppende financiële instellingen
Draai om
Financiële instellingen die geen rekening-couranttegoeden voor cliënten kunnen aanhouden.
Draai om
Nominale waarde
Draai om
Waarde die op het betaalmiddel vermeld staat.
Draai om
Oppotmiddel
Draai om
Geld als vermogensbestanddeel.
Draai om
Primaire bank
Draai om
Instelling waarvan de belangrijkste functie de kredietverlening is, afkomstig uit: eigen vermogen, van derden opgenomen middelen en geldschepping.
Draai om
Rekeneenheid
Draai om
De mogelijkheid die geld biedt de waarde van goederen en diensten te vergelijken.
Draai om
Rentemarge
Draai om
Het verschil tussen de rente die een bank ontvangt en die de bank betaalt (debetrente minus creditrente).
Draai om
Ruilmiddel
Draai om
De mogelijkheid die geld biedt de ruil in twee delen op te splitsen.
Draai om
Secundaire liquiditeiten
Draai om
Schuldbekentenissen van banken die op korte termijn zonder koersverlies omgezet kunnen worden in primaire liquiditeiten, te weten: termijndeposito's met een looptijd korter dan twee jaar, valutategoeden en kort spaargeld.
Draai om
Spaargeld
Draai om
Tegoed bij een bank dat slechts onder bepaalde voorwaarden in geld kan worden omgezet.
Draai om
Structuurbeleid
Draai om
Beleid van de centrale bank dat ten doel heeft machtsconcentraties in de financiële wereld te voorkomen.
Draai om
Substitutie
Draai om
Omzetting van de ene geldsoort in de andere.
Draai om
Termijndeposito
Draai om
Tegoed bij een bank dat na een vooraf bepaalde termijn opvraagbaar is.
Draai om
Toevertrouwde middelen
Draai om
Schulden van banken aan derden zoals giraal geld, spaartegoeden en termijndeposito's.
Draai om
Transactiekosten
Draai om
Kosten die gepaard gaan met de ruil van goederen en diensten.
Draai om
Transformatie
Draai om
Het omzetten van secundaire liquiditeiten in primaire en omgekeerd.
Draai om
Wederzijdse schuldaanvaarding
Draai om
De bank accepteert een schuld in rekening-courant (schept giraal geld); de klant accepteert een schuld op termijn (wordt debiteur).
Draai om
  van