Basisvaardigheden Spelling en interpunctie - tweede druk 2010
Inhoudsopgave Grammatica (tweede druk)

1 Zinsontleden
1.1 Persoonsvorm
1.2 Zinnen verdelen in zinsdelen
1.3 Onderwerp
1.4 Werkwoordelijk gezegde
1.5 Naamwoordelijk gezegde
1.6 Lijdend voorwerp
1.7 Meewerkend voorwerp
1.8 Voorzetselvoorwerp
1.9 Bijwoordelijke bepaling
1.10 Bijvoeglijke bepaling
1.11 Bijstelling
1.12 Oorzakelijk voorwerp en bepaling van gesteldheid
1.13 Valkuilen bij het ontleden
Samenvatting

2 Woordbenoemen
2.1 Lidwoord
2.2 Zelfstandig naamwoord
2.3 Bijvoeglijk naamwoord
2.4 Werkwoord
2.5 Voornaamwoorden
2.6 Telwoord
2.7 Voorzetsel, voegwoord, tussenwerpsel
2.8 Bijwoord
Samenvatting

3 Bedrijvende en lijdende zinnen
3.1 Kenmerken bedrijvende en lijdende zin
3.2 Van bedrijvende naar lijdende zin
3.3 Van lijdende naar bedrijvende zin
3.4 Bedrijvende zin: men en er
Samenvatting

4 Samengestelde zinnen
4.1 Samengestelde zin
4.2 Samengestelde zin: hoofdzin
4.3 Samengestelde zin: bijzinnen
4.4 Nevenschikking en onderschikking
4.5 Onderwerpszin
4.6 Gezegdezin
4.7 Lijdendvoorwerpszin
4.8 Meewerkendvoorwerpszin
4.9 Voorzetselvoorwerpszin
4.10 Bijwoordelijke bijzin
4.11 Bijvoeglijke bijzin
Samenvatting

5 Extra oefeningen
5.1 Redekundig ontleden
5.2 Taalkundig ontleden
5.3 Bedrijvende en lijdende zinnen
5.4 Samengestelde zinnen

6 Antwoorden

© Noordhoff Uitgevers | 6.3.5 | Voorwaarden | Privacy | m